De alom beruchte Susanna Duplessis leefde een weeldig, maar turbulent leven. Als plantersvrouw en dochter maakte zij zich niet geliefd en werd gehaat. De gruwelijke verhalen uit Stedmans boek over slavin Alida en de slavenbaby in de tentboot gingen zo terecht of onterecht de geschiedenisboeken in. Deze ‘stalen’ vrouw kwam, echter zwak aan haar eind.
Zo valt er in de krant van 25 januari 1795 te lezen dat er geadverteerd wordt dat Maria Susanna Duplessis door zwakheid aan handen buiten staat is haar gewone handtekening te zetten en voortaan deze met een kruisje zet. 10 maanden later stierf zij te Paramaribo.
Haar leven in het kort:
PLESSIS, Maria Susanna du, (geb. Paramaribo 10-3-1739 – gest. Paramaribo 6-10-1795), plantagehoudster van legendarische wreedheid. Dochter van Salomon du Plessis (1705-1785), advocaat, en Johanna Margaretha van Strijp (1706-1769). Susanna du Plessis trouwde (1) op 1-3-1754 in Paramaribo met Frans Laurens Willem Grand (ca. 1730-1762); (2) in oktober 1767 op de plantage Nijd en Spijt met Frederik Cornelis Stolkert (ca. 1747-ca. 1804). Het tweede huwelijk eindigde in 1783 in een scheiding van tafel en bed. Voorzover bekend bleven beide huwelijken kinderloos.
Bron personalia: Inghist
Krantenartikel door gestuurd door Ank de Vogel.







Posted by Egmond Codfried on augustus 15, 2009 at 12:34 pm
Beste heer Denie Kasan,
Hierbij bedank ik u voor het stukje nieuwe informatie. In mijn toneelstuk uit 1998 laat ik, volkomen fictief, haar half-zuster Alida haar langzaam vergiftigen vanwege de dood/moord van/op haar dochtertje. Nu blijkt dat zij in werkelijkheid ook erg ziek was voor haar overlijden. Als slavenmeesteres was zij een dader. Maar kolonialisme maakte haar tot een slachtoffer.
Gaarne een lijst met literatuur over Maria Susanna Du Plessis (1739-1795) wiens vader Salomon Du Plessis de woordvoerder was van een een republikeinse planterspartij (1742-1753) die Suriname staatkundig onafhankelijk wilde maken van Nederland. De zogenaamde ‘beruchtheid ‘ van Maria Susanna Du Plessis is gebaseerd op laster en werd door de kolonisator gebruikt om deze onafhankelijkheidsstrijd in diskrediet te brengen. Een portret van haar neef Jacobus van der Werff toont een Europese jongen met sterke Afrikaanse trekken, waardoor Maria Susanna Du Plessis en haar familie aannemelijk zwarte en gekleurde Europeanen waren. Niet gemengd met slaven.
Egmond Codfried
Literatuur
Ellen Ombre, ‘Flarden’, in: Idem, Maalstroom (Amsterdam 1992) [kort verhaal].
Egmond Codfried, ‘Maria Suzanne Duplessis’, in: Hollandse Nieuwe 5 (Amsterdam 2001) 120-153 [toneelstuk].
Philip Dikland, ‘Koffieplantage Nijd en Spijt aan de Commewijnerivier’, op: http://nationaalarchief.sr (oktober 2006).
Egmond Codfried, ‘Maria Susanna Du Plessis (1739-1795). Dader of slachtoffer?’, Weekkrant Suriname (5 juni, 26 juni en 3 juli 2002).
Egmond Codfried, Maria Susanna du Plessis (1739-1795): dader of slachtoffer? (Den Haag 2003).
Hilde Neus-van der Putten, Susanna du Plessis. Portret van een slavenmeesteres (Amsterdam/Paramaribo 2003).
Slaven en hun meesteres. Suriname in de achttiende eeuw (2004) [Bronnenboekje bij de tentoonstelling ‘Susanna du Plessis, portret van een slavenmeesteres’, uitgegeven door de Stichting Surinaams Museum].
Posted by Marie-Claire Fakkel on juli 30, 2011 at 4:05 pm
In die koloniale cultuur/geschiedenis zit veel tragiek bij de betrokken partijen. Dat blijkt maar weer uit het leven van deze vrouw. Ik blijf de visie van de heer Codfried verrassend vinden, en ook inspirerend & prikkelend voor nader onderzoek. Ik heb zojuist het portret opgezocht van Jacques van der Werff. Inderdaad zou je in zijn gelaat Afro-Europese gelaatstrekken kunnen herkennen. Wie weet?
vriendelijke groet,
Marie-Claire Fakkel